Waarom de patiënt bang is van richtlijnen over arbeidsongeschiktheid

Column: Met de Blik van de Patiënt, verschenen in ‘Huisarts Nu’ 

Van patiëntenzijde verschenen in de media en de sociale media enkel negatieve boodschappen over het voornemen van minister Maggie De Block, om gemiddelden te laten berekenen voor de duur van de afwezigheidsperiode bij borstkanker, lage rugpijn, burn-out, hartinfarct, de plaatsing van een knieprothese, enzovoort.

Velen doen daar denigrerend over. ‘Wat weten patiënten daarvan? Ze roepen, maar luisteren niet naar wat echt is beslist.’ ‘Ze zijn op het verkeerde been gezet door de media die alarmerende berichten verspreid hebben.’

 

Die veroordelingen zijn onnuttig. Het is beter te analyseren waarom patiënten en burgers zo negatief denken over een project waarover de artsen redelijk positief zijn. Domus Medica ziet de berekeningen die Maggie De Block wil laten maken, niet als een bedreiging maar als een hulpmiddel.

De moeilijkheid is echter dat de beslissing anders in de markt is gezet. Twee regeringspartijen, N-VA en Open VLD, zijn verwikkeld in een onderlinge competitie om zich tot beste misbruikbestrijder te kronen. Dat leidde al tot de verlaging van sommige uitkeringen; het zette de reïntegratietrajecten voor langdurig zieken al in een slecht daglicht, en doet dat nu ook met deze maatregel.

Misbruiken moeten bestreden worden, zeer zeker. Maar maatregelen die genomen worden om het bestrijden van misbruiken in de kijker te zetten, en ze tegelijkertijd bestempelen als hulpmiddelen die niet bedreigend zijn, is onzin.

 

Het Vlaams Patiëntenplatform (VPP) – dat wel begrip had voor het plan van de minister – benadrukt dat het bang is voor de ‘stigmatisering’ van de personen met een chronische ziekte. ‘Personen die langer arbeidsongeschikt zijn dan voorzien in de richtlijn, dreigen als profiteurs bestempeld te worden’ terwijl het precies van groot belang is dat ‘dat patiënten op hun eigen tempo kunnen herstellen’, aldus Ilse Weeghmans van het VPP.

Veel patiënten denken ook dat de gemiddelden waarvan men nu zegt dat ze ‘enkel indicatief’ zijn,  binnen de kortste keren toch verplicht zullen worden opgelegd.

Overigens kan ook niemand ontkennen dat deze maatregel bedoeld is om te besparen. Dan is wat achterdocht bij de patiënten toch normaal?

 

In de media verschenen ook getuigenissen van patiënten die slechte ervaringen opdeden met controle-artsen en ziekenfondsartsen. Soms nemen zij beslissingen die getuigen van onkunde of van een totaal gebrek aan empathie voor de chronische patiënt.

Soms blijken die artsen ook geen flauw idee te hebben van de werkomstandigheden van de patiënten waarover ze moeten oordelen.

Ook heeft de patiënt niet het gevoelen dat van alle artsen die zich plots voor hem interesseren, er ook maar één is die hem verdedigt.

Ten slotte blijken veel chronische patiënten nog ideeën van vroeger aan te kleven. Decennialang heeft zowat alles en iedereen beweerd dat het best was zo lang mogelijk van het werk weg te blijven, tot men ‘helemaal genezen is’.

Sinds enkele jaren luidt het dat werken gezond is: een (gedeeltelijke) werkhervatting kan een onderdeel zijn van het genezingsproces.

Dat klopt. Maar verwacht men dat plots alle patiënten daarin mee zijn? Ook als vele zorgverstrekkers en ziekenfondspersoneelsleden en werkgevers nog helemaal niet mee zijn?

Twijfel niet: dit project zal 

er komen en dwingend worden.

 

Wat nu?

Twijfel niet: dit project zal er komen en zal na een aantal jaren dwingend worden. Dat zal conflictueel verlopen. Veel mensen zullen zich tekort gedaan voelen. Aan de misbruiken zal er echter niet veel veranderen.

 

Er is nog iets voorspelbaar. Zoals zo vaak in dergelijke situaties, zijn het uiteindelijk weer de huisartsen die het zullen moeten uitleggen aan de patiënten. Iemand anders zal dit niet doen.

 

 

 

Guy Tegenbos,

Columnist bij De Standaard en bij Huisarts Nu