Het Abraracourcix-leiderschap

Column ‘De Bomen en het Bos’ in De Standaard van 22 mei 2019. Lees deze tekst in De Standaard: http://www.standaard.be/cnt/dmf20190521_04415459

‘Ik ben hun leider, ik moet hen volgen.’ Aan die uitspraak van Abraracourcix, het dorpshoofd van de stripfiguren Asterix en Obelix, heb ik de afgelopen maanden vaak moeten denken: telkens als een politicus een goed voorstel inslikte omdat er kritiek op kwam. Er is geen draagvlak meer voor, was het excuus.

Het dorpshoofd Abraracourcix (Heroïx in de latere versies van de strip) liet zich graag op een schild hijsen. Hij liet zich ronddragen door zijn wachters, die telkens stuurloos heen en weer zwalpten met hem. Hij excuseerde zich dan schouderophalend met de zin: ik ben hun leider, ik moet hen volgen. De draagvlaktheorie.

Rekeningrijden was een van de slachtoffers van het Abraracourcix-leiderschap. Vlaams Belang stelde dat voor als een belastingverhoging en nam de N-VA daarmee in de tang. Die partij trapte in de val en ging meteen overstag: er is geen draagvlak meer voor. ‘Met ons geen rekeningrijden, want er kan geen sprake zijn van een belastingverhoging.’

En, merkwaardig, haast alle partijen volgden.

Over rekeningrijden is veel te zeggen, maar het dient om een einde te maken aan een achterhaalde belasting uit de jaren vijftig: de autotaks. Een auto bezitten was toen een uiting van luxe en werd om die reden belast. Vandaag moet niet het bezit, maar het gebruik van de auto, zeker in de spitsuren, ontmoedigd worden. Dat principe van rekeningrijden is algemeen aanvaard in Europa, het staat in alle regeerakkoorden en beleidsprogramma’s. Maar de meeste landen zoeken nog naar de ideale formule. Als hier iemand plots ‘belastingverhoging’ roept, stuiven de partijen uit elkaar en ontkennen ze het collectieve vaderschap.

Echte leiders wachten niet passief

tot er een draagvlak uit de lucht

komt vallen, ze creëren er een.

Wie het leiderschap van een land of een deelstaat ambieert, moet durven te verdedigen wat goed is, ook al zit de wind even tegen. Echte leiders wachten niet passief tot er een draagvlak uit de lucht komt vallen, ze creëren er een en verdedigen dat vervolgens.

In de pensioendiscussies kregen we ook een Abraracourcixje te zien. Het N-VA-partijprogramma zegt honderd dingen over de pensioenen, waaronder één waarheid die iedere pensioenexpert zal bevestigen: je koppelt de pensioenleeftijd het best aan de langzaam stijgende levensverwachting. Dat is logisch – langer leven vergt een beetje langer werken. Je kunt de leeftijd geleidelijk aanpassen, met een of twee maanden, dan hoef je geen brutale ingrepen te doen als de kloof te groot is geworden.

De regering waarvan de N-VA deel uitmaakte de afgelopen jaren, deed exact het tegenovergestelde: ze verhoogde de pensioenleeftijd brutaal, met twee jaar, en dan nog zonder de mensen te belonen met een hoger pensioen als ze langer werken. 

Maar partijen die hun leven beteren, verdienen genade. Oppositiepartij SP.A, die ook pensioenspecialisten heeft die dat leeftijdsmechanisme verdedigen, stelde dat zinnetje uit het N-VA-programma plots voor als een nieuwe brutale verhoging van de pensioenleeftijd. De N-VA was verrast, ze verdedigde zichzelf en het goede beleidsprincipe amper, en ging overstag.

Niet alleen partijen ontsporen soms. Bij het becommentariëren van dit laatste dossier lieten ook sommige journalisten hun job achter zich. Ze concentreerden zich niet meer op wat waar en onwaar is, maar ontpopten zich tot (slechte) marketeers: hoe dom kun je zijn om met dit voorstel – hoe goed het misschien ook is – te komen aandraven vlak voor de verkiezingen, zegden ze. Lees: bedrieg de kiezers maar.

Ik schetste twee voorbeelden waarbij de grootste partij, de N-VA, betrokken is. Dat is toeval. Alle partijen zijn de afgelopen maanden in veel richtingen betrokken geweest in dit soort verhalen.

Is het dan weer allemaal fout in en met de politiek? Neen. Ik heb me vaak geërgerd in deze campagne, maar aan het einde wat minder. Lange tijd werd bijvoorbeeld een erg negatieve campagne gevoerd, volgens het beginsel dat het beter is de tegenstrever te beschadigen dan zelf iets goeds aan te bieden. Liever een situatie als die aan het Noordstation in Brussel te laten verrotten, dan kun je de ander de schuld geven. En meer van die trucs. 

Nu de stembusdag nadert, luwt die neiging. Een politica slaagde erin de ruziënde partijen rond het Noordstation tot een oplossing te brengen en ze schreeuwt dat niet van de daken. 

Ik kan getuigen: ze bestaan, politici van wie na vijf of tien jaar regeren blijkt dat zij wel aan de lange termijn hebben gedacht. Dat ze effectief goede en fundamentele veranderingen hebben teweeggebracht. Kies zulke leiders. Geen electorale angsthazen. Geen Abraracourcixen.

Guy Tegenbos is gewezen redacteur van De Standaard. Tweewekelijks laat hij in zijn column zijn blik gaan over politiek en beleid.