Mattheus blijft doorwerken tijdens de pandemie

Column ‘De Bomen en het Bos’

in De Standaard van 28/1/2021

Lees het hieronder, of in de krant zelf: https://www.standaard.be/cnt/dmf20210127_98215758

Welvaartsstaten zijn een fantastische uitvinding. Ze geven hun burgers, ongeacht rang of stand, een goede en gelijke behandeling in domeinen als gezondheidszorg en onderwijs en hebben solidaire correctiemechanismen – de sociale zekerheid – die inspringen bij ziekte, job- en in­komensverlies. Maar volmaakt zijn ze niet. Hun grote euvel is het ‘mattheuseffect’, genoemd naar een vers uit het Mattheusevangelie: ‘Aan hem die heeft, zal gegeven worden.’

De gezondheidszorg is in ons land goedkoop en er is gelijke toegang voor iedereen. Maar de waarheid is dat hogergeschoolden en betere verdieners er gemiddeld meer voordeel uit halen. Zij leven langer (tot vijf jaar) dan wie lager­ op de sociale ladder staat. Het onderwijs is vrij toegankelijk en bijna kosteloos, maar kinderen van hogergeschoolden en betere verdieners halen­ er meer uit: gemiddeld lopen ze langer school, en behalen ze meer diplo­ma’s en hebben ze later dus betere­ jobs. Dat is het mattheuseffect.

Nu is het anders, denken velen. Als het virus rondwaart, zijn we allemaal gelijk. Dat was in de middeleeuwen zo met de pest, dat is vandaag zo met corona. Iedereen kan besmet worden, ongeacht rang of stand. De behandeling is voor iedereen gelijk, op de covid-afdelingen zijn er evenmin rangen en standen.

Ook in de vaccinatie zal er gelijkheid zijn: eerst alle bewoners van woonzorgcentra, dan de gezondheidswerkers, dan de 65-plussers en vervolgens de rest, in willekeurige of alfabetische volgorde. Alweer geen rangen of standen­, geen voorrang voor wie kan betalen. En evenmin gaan politici voor, zoals­ in sommige landen. Corona als grote gelijkmaker?

Verdomde Mattheus

Ja, corona als grote gelijkmaker. Maar toch duikt die verdomde Mattheus­ weer op. Neem de gezondheidszorg. Wie al ‘onderliggende medi­sche problemen’ heeft, wordt zwaarder getroffen. Dat geldt vooral voor de oudsten, maar ook lagergeschoolden hebben vaker ‘onderliggende gezondheidsproblemen’ en zijn dus kwetsbaarder voor het virus.

Voor andere aandoeningen dan covid-19 wordt de zorg vaak uitgesteld, soms door de patiënten zelf, maar wie mondig en sociaal sterk is, en ‘zijn weg weet te vinden’ in de medische wereld, raakt sneller aan zijn behandeling.

Ook in andere domeinen werkt de welvaartsstaat, maar zwakt het mattheuseffect dat telkens weer af. Co­rona maakte velen werkloos, maar hoger­geschoolden werden minder getrof­fen. Die laatsten – op de artsen en andere gezondheidszorgberoepen na – konden ook vaker telewerken, en dat is veiliger dan pakjes rondbrengen.

De welvaartsstaat gaf een vervangingsinkomen aan werknemers en zelfstandigen die werk en inkomen verloren. Dat hield hen uit de armoede. Maar die uitkeringen stijgen helaas­ niet naarmate het inkomensverlies langer duurt. Wie geen ander inkomen heeft en geen reserves, moet na een tijd vaak aankloppen bij voedsel­banken en het OCMW.

Ook in het onderwijs sloeg Mattheus toe. Covid-19 heeft alle jongeren met een leerachterstand opgezadeld, maar die is het grootst voor kinderen van gezinnen onderaan de sociale ladder. Men reageerde alert. Scholen en individuele leerkrachten sprongen in de bres. De minister lanceerde zomer- en winterscholen, en verdeelde laptops aan wie er geen had. Straks is er een laptop voor iedereen vanaf het vijfde leerjaar. Maar daarmee heb je thuis nog geen wifi, en geen ouders die je ondersteunen bij afstandsonderwijs. Daarmee kun je nog geen bijlessen betalen.

Hoe omzeil je het mattheuseffect?

Alert zijn is goed, harde gegevens

voor beleid verzamelen, is beter

Hoe Mattheus counteren of omzeilen? Alert zijn, zoals de onderwijssector, is goed. Harde gegevens voor beleid verzamelen, is beter. In Nederland had het Centraal Planbureau daarover al een rapport klaar na de eerste golf. Wij hebben geen sterk instituut dat dat kan doen. Federaal is een stel nijvere ambtenaren bijeengekomen – de ‘Working group impact corona crisis’ – die goed werk levert, maar alleen voor federale materies.

We zijn wel goed in afzonderlijke, kleine, snelle initiatieven. Amper enkele weken nadat onderzoekers van de UAntwerpen de al lang bekende, maar nooit becijferde, wachttijden in de geestelijke gezondheidszorg in kaart hebben gebracht, heeft minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) 5 miljoen klaar voor de uitbreiding van de Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg. Puik. Minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA) besliste deze week de Stichting Robin te steunen, die 20.000 kinderen wil helpen bij hun schoolfacturen. Prima. Maar die en andere maatregelen samensmeden tot een samenhangend systematisch beleid dat Mattheus de das omdoet, dat is nog beter. Dat is wat nodig is.

Ingrijpende covid-maatregelen nemen we sneller dan onze noorderburen. Maar een systeem maken, en een juridische basis daarvoor uitwerken? Neen, dat lukt niet. Wij passen de grondwettelijke rechten aan met een ministerieel besluit.